Dag 30, zondag 26 oktober 2025
- 📍 Locatie (Yulia2, Sanur, Bali)
- 🥥 Ontbijt / 🍛 Lunch / 🍲 Avondeten
- 🍊 Fruit van de dag
- 🎧 Geluid van de dag (nog doen)
- 🖼️ Cartoons & beelden (gedaan)
- 🌊 Gezwommen nee
- 🐾 Bijzonder moment / ontmoeting
- 🌟 Reflectie / afsluiter
Verhaal
De laatste dag van de gordel van smaragd
Zeven uur. Onder de douche.
Rustig aan deze ochtend.
Acht uur — voor de laatste keer ontbijt in Indonesië. Gerard en ik eten samen.
Hij gaat daarna terug naar zijn kamer, ik blijf nog even zitten met mijn gemberthee.
Dan stopt er een auto met getinte ramen. Twee schimmen binnenin: een chauffeur en iemand achterin.
De stuur zit aan de andere kant. Het duurt een paar seconden voor ik besef dat het Eka is.
Ze stapt uit, handen vol. Twee kokosnootmokjes — voor Gerard en mij.
En dan, het moment waar ik de hele reis op heb gehoopt:
gecertificeerde brieven van de notaris in Denpasar.
De akte waar ik op wachtte.
Meer kan ik niet doen.
“Er is zoiets als internet,” zegt de notaris hier droog.
“Je kunt een Indonesische notaris gewoon benaderen, hè?”
De notaris in Nederland had het dossier doorgeschoven naar een opvolger,
die vervolgens meer dan een jaar niets deed.
Geen telefoontje, geen brief, geen excuus.
Ik ben zelfs op kantoor geweest — zonder afspraak weggestuurd.
Hij zou bellen. Nooit gebeurd.
Dus heb ik het zelf gedaan.
Navraag bij een ander kantoor, stappen gezet, papieren verzameld,
en hier — aan de andere kant van de wereld — eindelijk voltooid.
Ik heb er nooit eerder over geschreven.
Het was een stille, zware drijfveer van deze reis.
Nu heb ik een officieel document.
Alles klopt.
Dankzij Eka, de schat.
Ik ben intens gelukkig, en ook diep verdrietig.
Op de kamer rollen de tranen.
Zo’n last, eindelijk van mijn schouders.
Dan het praktische leven weer in. Koffer inpakken.
De rugzak vullen, wat spullen gaan bij Gerard.
De koffer zit vol — en ik loop leeg.
Gerard is een steunkous kwijt.
Ik stap op de motor, ga langs apotheken.
Half elf, de zon brandt.
Gelukkig is er rijwind.
Een vreemde mix van blijheid en somberheid.
Is dit nu genoeg? Komt er in Nederland eindelijk een einde aan?
De steunkous is snel gevonden.
Terug naar Gerard, help hem bij het aantrekken.
Het past perfect.
Terug in mijn kamer: schemerdonker, koel, de airco zacht zoemend.
Nog een uurtje hier.
Opfrissen, omkleden.
De koelkast: een laatste flesje Pocari.
Het commandocentrum nog één keer aan de muur.
Alles opgeladen.
En dan het moment dat ik wilde uitstellen: afscheid nemen van deze kamer.
Alles in mij schreeuwt: blijf.
Maar de rede zegt: ga naar huis.
Naar Inge, de kinderen, de honden en katten.
Geen heimwee. Wel gemis.
De klok tikt — genadeloos.
Vier uur wachten bij Billy’s.
De plek is goed, de tijd niet.
Ik wil nog even langs bij Komang, afscheid nemen.
Eet wat, drink wat.
Dan verschijnt de verhuurster van de motor.
Ik had gezegd: om vier uur ophalen.
Zij beweert elf uur.
Ze moppert.
Roelof — een Indo die het hoort — kijkt me aan,
en ik bijt haar toe dat ze haar mond moet houden.
“Ik heb betaald voor vandaag.”
Ik stap op de motor en rij naar Komang.
Een hartelijk afscheid.
Er ligt een andere Nederlander bij hem op tafel — we praten kort, lachen.
Dan weer terug.
Ik zeg dat ik niet ga aftanken, dat ze de motor maar in de schaduw moet zetten.
Ze zegt niets meer, rijdt weg.
Het personeel fronst.
Via de receptie huur ik; ze zeggen haar dat ze hier niet meer welkom is.
Roelof hoort het en zegt droog: “Zo, dat hoor ik graag.”
Incident vergeten.
Ik speel wat spelletjes met Gerard, koop wat voor de vlucht.
Kauwgom, Mentos. Kleine geruststellingen.
In een winkeltje probeert een oud vrouwtje snoep te kopen voor kinderen,
maar haar geld is niet genoeg.
Ik leg een zak Haribo neer, laat de kinderen kiezen.
Ik betaal.
Het vrouwtje straalt.
Soms is geluk klein en zoet.
Terug bij Billy’s.
Betaald, gepakt, gewacht.
De taxi komt.
Afscheid. Buikpijn. Verlies.
Op het vliegveld gaat alles soepel.
Inchecken, poortjes door, drie uur wachten.
Dan boarden. Gerard en ik zitten achter elkaar.
Naast mij twee Zuid-Afrikaanse dames — levendig, vol humor.
We praten, lachen, de tijd glijdt voorbij.
De nacht komt.
We vliegen de donkerte in,
richting Dubai,
richting Amsterdam,
richting huis.
Reactie plaatsen
Reacties